Ajax en de band met de Watergraafsmeer (Deel 19)

0

Het profvoetbal en de K.N.V.B. (3)

Auteur: Kees Rotgans, Roland de Weert, Gerhard Broers

Ajaxstadion De Meer – AJAX – GVAV. Foto: Beeldbank Amsterdam Alle rechten voorbehouden

Voetbal en stadswijken: een verbroken relatie

Titel van een onderzoek aan de Vrije Universiteit door Kees Rotgans, Roland de Weert en Gerhard Broers tijdens het werkcollege sportgeschiedenis door Prof. Dr. Th. Steven.
De periode omvat de jaren ’50 tot ’80.
Het onderzoek bestaat uit 3 delen: de Watergraafsmeer, AJAX en interviews met AJAX-fans.Met dank aan Gerhard Broers voor het beschikbaar stellen van het resultaat van dit onderzoek.

Het profvoetbal en de K.N.V.B. (3)

Twee competities.
In 1954 gingen er twee competities van start: een met de contractspelers van de NBVB en een van de KNVB waarvan de spelers per wedstrijd en training werden betaald. Bij Ajax kreeg men voor een gewonnen wedstrijd dertig gulden, twintig voor een gelijkspel en tien bij een nederlaag.

De vergoeding werd na iedere wedstrijd uitbetaald door penningmeester Jan Elzinga. De spelers gingen een voor een zijn kantoor binnen waar de penningmeester zat met zijn geldkistje en de spelers hun premie uitreikte. Het kwam nog wel eens voor dat spelers na uitbetaling opnieuw in de lijn gingen staan in de hoop dat de penningmeester een slok te veel op had en ze opnieuw uitbetaalde.

Eerste salarisconflict.
Na een gewonnen wedstrijd volgde het eerste salarisconflict. Spelers hadden vernomen dat bij Blauw-Wit meer betaald werd en eisten een hogere premie (tien gulden) voor de wedstrijd tegen DOS. De spelers dreigden met staken. De reactie van het bestuur verraste de spelers. Het bestuur verklaarde desnoods het hele elfttal eruit te zullen gooien en elf anderen op te stellen. De spelersgroep gaf zich gewonnen en speelde weer voor de afgesproken premie. Na negen wedstrijden stond Ajax op de eerste plaats.

Een hobby werd een betaalde hobby.
Echt veel veranderde er niet. Voetballen werd voor de spelers van een hobby een betaalde hobby. Hun baan in de maatschappij gaven ze er niet voor op. De spelers noemden zich ‘half profs’ en waren er trots op Ajax verloor wel spelers dat seizoen aan het beter.betalende BVC Amsterdam (Krist en Boskamp) en Fortuna ’54 (Huis) en die spelers werden gezien als overlopers. Niet omdat zij kozen voor een profcarrière, daar konden de meeste spelers wel begrip voor opbrengen maar omwille van de clubliefde. De keuze voor een andere club voelde aan als ‘verraad’ in hun ogen.

Opnieuw beginnen.
Op 27 oktober 1954 werden de vertegenwoordigers van de NBVB en KNVB het wonder boven wonder met elkaar eens. Twee weken later werden de afspraken door de Bondsvergadering bekrachtigd en werd besloten een nieuwe, gezamenlijke competitie te starten. Dat had als gevolg dat iedereen, ook Ajax, weer met nul punten moest beginnen. De beste ploegen uit de verschillende afdelingen zouden uitkomen in twee afdelingen van de landelijke hoofdklasse (het aantal afdelingen werd dus teruggebracht van vier naar twee).

Gespannen sfeer.
Er hing dat hele seizoen een gespannen sfeer die zich opnieuw uitte in de zomer van 1955. Topspelers als Rinus Michels, Eddy Pieters Graafland, Van Dijk en Elzer weigerden hun aangeboden contracten te tekenen. Ajax zette de vier zonder pardon op de transferlijst. Deze gebeurtenissen bleken storm in een glas water. Toen de competitie begon waren de spelers gewoon weer van de partij.

Share.

Leave A Reply